السَّلَفُ الصَّالِحُ
Is het vieren van de mawlid toegestaan?
Wat zeiden de salaf erover? En wat zei de Profeet ﷺ zelf over zijn geboorte, en wat moeten wij volgens hem doen?
السَّلَفُ الصَّالِحُ
As-Salaf As-Salih
Islamitische kennis uit de Koran en de soennah, volgens het begrip van de rechtsgeleerde voorgangers.
الْمَوْلِدُ النَّبَوِيُّ
Is het vieren van de mawlid toegestaan?
De mawlid, het vieren van de geboortedag van de Profeet ﷺ, is een onderwerp waarover veel wordt gediscussieerd. Het antwoord vinden wij bij de Profeet ﷺ zelf en bij de geleerden van de salaf.
١Wat zei de Profeet ﷺ over zijn geboorte?
قَالَ وَسُئِلَ عَنْ صَوْمِ يَوْمِ الاِثْنَيْنِ قَالَ: “ذَاكَ يَوْمٌ وُلِدْتُ فِيهِ وَيَوْمٌ بُعِثْتُ أَوْ أُنْزِلَ عَلَىَّ فِيهِ”
“Hij (Abu Qataadah) zei: er werd gevraagd naar het vasten op maandag, waarop hij (de Profeet ﷺ) zei: ‘Dat is een dag waarop ik geboren ben, en een dag waarop ik tot profeet ben gezonden, of waarop de openbaring aan mij werd neergezonden.’”
Moeslim 1162b, sahieh
Dit is wat de Profeet ﷺ ons liet zien over zijn geboorte:hij vierde zijn geboortedag niet met een feest, maar hij vastte op maandag: omdat dat de dag van zijn geboorte én van de eerste openbaring was. Hij koppelde zijn geboorte aan een daad van aanbidding (vasten), niet aan een viering.
٢De Profeet ﷺ waarschuwde tegen nieuwigheden in de religie
مَنْ أَحْدَثَ فِي أَمْرِنَا هَذَا مَا لَيْسَ مِنْهُ فَهُوَ رَدٌّ
“Wie iets nieuws introduceert in deze zaak van ons (de religie) wat er niet bij hoort, het wordt verworpen.”
Moeslim 1718, sahieh
وَإِيَّاكُمْ وَمُحْدَثَاتِ الأُمُورِ فَإِنَّ كُلَّ مُحْدَثَةٍ بِدْعَةٌ وَكُلَّ بِدْعَةٍ ضَلاَلَةٌ
“Vermijd de nieuwigheden (in de religie), want elke nieuwigheid is een innovatie (bid‘ah) en elke innovatie is een dwaling.”
Abu Dawoed 4607, sahieh (al-Albaanie)
De Profeet ﷺ zelf vierde zijn geboorte niet, beval het niet, en zijn metgezellen deden het niet. De mawlid-viering is pas eeuwen later ontstaan, het is een nieuwigheid die de Profeet ﷺ niet heeft ingesteld.
٣De exacte geboortedatum is niet met zekerheid bekend
Wat wel met zekerheid bekend is:
- Dag van de week: maandag, de Profeet ﷺ zei: “Dat is de dag waarop ik geboren ben” (Moeslim 1162b)
- Maand: Rabi‘ al-Awwal, hierover zijn de seerah-geleerden het eens
- Jaar: het Jaar van de Olifant (‘Aam al-Fiel), ongeveer 570-571 CE
De exacte dag van de maand Rabi‘ al-Awwal is echter niet met zekerheid vastgesteld. De klassieke seerah-geleerden noemen verschillende meningen:
| Dag | Vermeld door |
|---|---|
| 2 Rabi‘ al-Awwal | Ibn ‘Abdoel-Barr, ad-Doerar fie Ikhtisaar al-Maghazie |
| 8 Rabi‘ al-Awwal | Ibn Hazm, Djawaami‘ as-Sierah |
| 12 Rabi‘ al-Awwal | Ibn Ishaaq, Ibn Kathier (al-Bidaayah wa an-Nihaayah), meest bekend |
| 17 Rabi‘ al-Awwal | Sommige vroege overleveringen |
Ibn Kathier (overleden in 1373) zei in al-Bidaayah wa an-Nihaayah: “De meest bekende mening is dat hij geboren is op 12 Rabi‘ al-Awwal. Maar de metgezellen en de tabi‘ien hebben geen vaste dag doorgegeven, en de Profeet ﷺ heeft ons niet bevolen om zijn geboortedag te vieren.”
Ibn Rajab (overleden in 1393) zei in Lataa‘if al-Ma‘aarif: “De Profeet ﷺ heeft zijn geboorte niet gevierd. Het beste wat een dienaar kan doen op de dag van zijn geboorte is vasten, zoals de Profeet ﷺ deed op maandag.”
Arabische bronnen: Ibn Kathier, al-Bidaayah wa an-Nihaayah (2/260-268); Ibn ‘Abdoel-Barr, ad-Doerar fie Ikhtisaar al-Maghazie; Ibn Hazm, Djawaami‘ as-Sierah; Ibn Rajab, Lataa‘if al-Ma‘aarif.
٤De beste generaties vierden het niet
خَيْرُ النَّاسِ قَرْنِي ثُمَّ الَّذِينَ يَلُونَهُمْ ثُمَّ الَّذِينَ يَلُونَهُمْ
“De beste mensen zijn mijn generatie, dan degenen die daarop volgen, dan degenen die daarop volgen.”
Boekhaarie 3651 Moeslim 2533, sahieh
De Profeet ﷺ prees zijn metgezellen, de tabi‘ien en hun opvolgers als de beste generaties. Geen van hen vierde de mawlid. Zij kenden de Profeet ﷺ het beste, hielden het meest van hem en waren het meest toegewijd aan zijn soennah, en toch deden zij dit niet. Als het een goede daad was geweest, hadden zij het als eersten gedaan.
٥Wat zeiden de geleerden van de salaf over de mawlid?
Imam Maalik (overleden in 795) Geciteerd door ash-Shaatibie in al-I‘tisaam (1/54):
قَالَ الْإِمَامُ مَالِكٌ: “مَنِ ابْتَدَعَ فِي الْإِسْلَامِ بِدْعَةً يَرَاهَا حَسَنَةً فَقَدْ زَعَمَ أَنَّ مُحَمَّدًا صلى الله عليه وسلم خَانَ الرِّسَالَةَ، لِأَنَّ اللَّهَ يَقُولُ: الْيَوْمَ أَكْمَلْتُ لَكُمْ دِينَكُمْ [الْمَائِدَةُ: ٣]، فَمَا لَمْ يَكُنْ يَوْمَئِذٍ دِينًا فَلَا يَكُونُ الْيَوْمَ دِينًا.”
“Imam Maalik zei: ‘Wie in de Islaam een nieuwigheid (bid‘ah) introduceert die hij goed acht, heeft daarmee beweerd dat Muhammad ﷺ de boodschap heeft verraden, omdat Allah zegt: “Vandaag heb Ik jullie religie voor jullie volmaakt” (Koran 5:3). Wat op die dag geen religie was, is vandaag ook geen religie.’”
Geciteerd in: ar-Radd ‘ala al-Luma‘ (shamela.ws/book/36181/38); ash-Shaatibie, al-I‘tisaam (1/54)
Taaj ad-Dien al-Faakihaanie (Maliki, overleden in 1333) al-Mawrid fie ‘Amal al-Mawlid (pag. 3-4):
لَا أَعْلَمُ لِهَذَا الْمَوْلِدِ أَصْلًا فِي كِتَابٍ وَلَا سُنَّةٍ، وَلَا يُنْقَلُ عَمَلُهُ عَنْ أَحَدٍ مِنْ عُلَمَاءِ الْأُمَّةِ، الَّذِينَ هُمُ الْقُدْوَةُ الْمُتَمَسِّكُونَ بِآثَارِ الْمُتَقَدِّمِينَ؛ بَلْ هُوَ بِدْعَةٌ أَحْدَثَهَا الْبَطَّالُونَ، وَشَهْوَةُ نَفْسٍ اغْتَنَى بِهَا الْأَكَّالُونَ.
“Ik ken voor deze mawlid geen grondslag in het Boek (de Koran) noch in de soennah, en het is niet overgeleverd dat het werd gedaan door één van de geleerden van de gemeenschap, die de voorbeelden zijn, die vasthouden aan de overleveringen van de voorgangers. Het is integendeel een nieuwigheid (bid‘ah) die de nietsnutten hebben uitgevonden, en een lust van de ziel waarmee de veelvraten zich bezighielden.”
al-Mawrid fie ‘Amal al-Mawlid (shamela.ws/book/36626/3-4); over de mawlid: “الْمَوْلِدُ بِدْعَةٌ أَحْدَثَهَا الْبَطَّالُونَ، وَشَهْوَةُ نَفْسٍ اعْتَنَى بِهَا الْأَكَّالُونَ” (al-Mawrid, pag. 18)
Aboe Ishaaq ash-Shaatibie (Maliki, overleden in 1388), Fataawa (pag. 203):
مَعْلُومٌ أَنَّ إِقَامَةَ الْمَوْلِدِ عَلَى الْوَصْفِ الْمَعْهُودِ بَيْنَ النَّاسِ بِدْعَةٌ مُحْدَثَةٌ، وَكُلُّ بِدْعَةٍ ضَلَالَةٌ.
“Het is bekend dat het houden van de mawlid zoals gebruikelijk is onder de mensen, een geïntroduceerde nieuwigheid (bid‘ah) is, en elke nieuwigheid is een dwaling.”
ash-Shaatibie, Fataawa (pag. 203) Geciteerd in alukah.net (‘al-Mawlid an-Nabawie: ro’yah taariechieyah’)
Ibn Taymiyyah (overleden in 1328), Iqtidaa‘ as-Siraat al-Mustaqiem (pag. 661):
وَكَذَلِكَ مَا يُحْدِثُهُ بَعْضُ النَّاسِ، إِمَّا مُضَاهَاةً لِلنَّصَارَى فِي مِيلَادِ عِيسَى عَلَيْهِ السَّلَامُ، وَإِمَّا مَحَبَّةً لِلنَّبِيِّ صلى الله عليه وسلم وَتَعْظِيمًا. وَاللَّهُ قَدْ يُثِيبُهُمْ عَلَى هَذِهِ الْمَحَبَّةِ وَالِاجْتِهَادِ، لَا عَلَى الْبِدَعِ - مِنِ اتِّخَاذِ مَوْلِدِ النَّبِيِّ صلى الله عليه وسلم عِيدًا. مَعَ اخْتِلَافِ النَّاسِ فِي مَوْلِدِهِ. فَإِنَّ هَذَا لَمْ يَفْعَلْهُ السَّلَفُ، مَعَ قِيَامِ الْمُقْتَضَى لَهُ وَعَدَمِ الْمَانِعِ مِنْهُ لَوْ كَانَ خَيْرًا. وَلَوْ كَانَ هَذَا خَيْرًا مَحْضًا، أَوْ رَاجِحًا لَكَانَ السَّلَفُ رَضِيَ اللَّهُ عَنْهُمْ أَحَقَّ بِهِ مِنَّا، فَإِنَّهُمْ كَانُوا أَشَدَّ مَحَبَّةً لِرَسُولِ اللَّهِ صلى الله عليه وسلم وَتَعْظِيمًا لَهُ مِنَّا، وَهُمْ عَلَى الْخَيْرِ أَحْرَصُ.
“En zo ook wat sommige mensen nieuw invoeren: óf als nabootsing van de christenen in de geboortedag van ‘Isa (Jezus) vrede zij met hem óf uit liefde voor de Profeet ﷺ en verering. En Allah kan hen belonen voor die liefde en die ijver, niet voor de nieuwigheid: het maken van de mawlid (geboortedag van de Profeet ﷺ) tot een feest, terwijl de mensen al verschillen over zijn geboortedatum. Want dit hebben de salaf (vrome voorgangers)niet gedaan, terwijl de aanleiding ernaartoe aanwezig was en er geen belemmering was, als het iets goeds was geweest. En als dit zuiver goed was geweest, of overwegend goed, dan waren de salaf er meer recht op geweest dan wij: zij hielden immers meer van de Boodschapper van Allah ﷺ en vereerden hem meer dan wij, en zij waren het meest gretig naar het goede.”
Iqtidaa‘ as-Siraat al-Mustaqiem (shamela.ws/book/11620/661)
فَتَعْظِيمُ الْمَوْلِدِ، وَاتِّخَاذُهُ مَوْسِمًا، قَدْ يَفْعَلُهُ بَعْضُ النَّاسِ، وَيَكُونُ لَهُ فِيهِ أَجْرٌ عَظِيمٌ لِحُسْنِ قَصْدِهِ، وَتَعْظِيمِهِ لِرَسُولِ اللَّهِ صلى الله عليه وسلم، كَمَا قَدَّمْتُهُ لَكَ أَنَّهُ يَحْسُنُ مِنْ بَعْضِ النَّاسِ، مَا يُسْتَقْبَحُ مِنَ الْمُؤْمِنِ الْمُسَدَّدِ. وَلِهَذَا قِيلَ لِلْإِمَامِ أَحْمَدَ عَنْ بَعْضِ الْأُمَرَاءِ: إِنَّهُ أَنْفَقَ عَلَى مُصْحَفٍ أَلْفَ دِينَارٍ، أَوْ نَحْوَ ذَلِكَ، فَقَالَ: دَعْهُمْ، فَهَذَا أَفْضَلُ مَا أَنْفَقُوا فِيهِ الذَّهَبَ. مَعَ أَنَّ مَذْهَبَهُ أَنَّ زَخْرَفَةَ الْمَصَاحِفِ مَكْرُوهَةٌ. ... إِنَّمَا قَصْدُهُ أَنَّ هَذَا الْعَمَلَ فِيهِ مَصْلَحَةٌ، وَفِيهِ أَيْضًا مَفْسَدَةٌ كَرِهَ لِأَجْلِهَا.
“Het verheerlijken van de mawlid en het tot een gelegenheid maken, dat doen sommige mensen, en zij hebben daarin een geweldige beloning vanwege hun goede bedoeling en hun verering van de Boodschapper van Allah ﷺ, zoals ik je eerder heb uitgelegd: dat wat van sommige mensen (als goed) wordt aanvaard, wordt afgekeurd bij de oprechte, standvastige gelovige. Daarom werd aan imam Ahmad verteld over een van de heersers dat hij duizend dinaar had besteed aan een moeshaf (Koran-exemplaar), waarop hij zei: ‘Laat hen, dit is het beste waar zij het goud aan besteed hebben.’ Terwijl zijn schoolleer (madh-hab) is dat het versieren van moeshafs afkeurenswaardig (makoer) is. ... Zijn bedoeling was slechts dat dit werk een nut bevat én een nadeel, waarvoor hij het afkeurde.”
Iqtidaa‘ as-Siraat al-Mustaqiem (shamela.ws/book/11620/664)
al-Haafidh Ibn Rajab (Hanbali, overleden in 1393), Lataa‘if al-Ma‘aarif (pag. 174):
خَرَّجَ مُسْلِمٌ مِنْ حَدِيثِ أَبِي قَتَادَةَ الْأَنْصَارِيِّ أَنَّ النَّبِيَّ صلى الله عليه وسلم سُئِلَ عَنْ صِيَامِ يَوْمِ الِاثْنَيْنِ، فَقَالَ: “ذَلِكَ يَوْمٌ وُلِدْتُ فِيهِ، وَأُنْزِلَتْ عَلَيَّ فِيهِ النُّبُوَّةُ”. أَمَّا وِلَادَةُ النَّبِيِّ صلى الله عليه وسلم يَوْمَ الِاثْنَيْنِ فَكَالْمُجْمَعِ عَلَيْهِ بَيْنَ الْعُلَمَاءِ، وَقَدْ قَالَهُ ابْنُ عَبَّاسٍ وَغَيْرُهُ.
“Moeslim heeft overgeleverd uit de hadieth van Aboe Qataadah al-Ansaarie dat de Profeet ﷺ gevraagd werd naar het vasten op maandag, waarop hij zei: ‘Dat is een dag waarop ik geboren ben en waarop de profeetschap aan mij werd neergezonden.’ Wat betreft de geboorte van de Profeet ﷺ op maandag: daarover is vrijwel overeenstemming (idjmaa‘) onder de geleerden, en Ibn ‘Abbaas en anderen hebben het gezegd.”
Lataa‘if al-Ma‘aarif (shamela.ws/book/1152/174)
٦De argumenten van de voorstanders, en de weerlegging
Argument 1: “Het is een uiting van liefde voor de Profeet ﷺ”
Weerlegging: de metgezellen hielden het meest van de Profeet ﷺ, meer dan wij ooit kunnen, en zij vierden zijn geboorte niet. Liefde voor de Profeet ﷺ betekent zijn soennah volgen, niet nieuwigheden uitvinden. Allah zegt: “Zeg: als jullie van Allah houden, volgt mij, dan zal Allah van jullie houden.” (3:31) De liefde moet zich uiten in gehoorzaamheid, niet in feesten die hij niet heeft ingesteld.
قُلْ إِن كُنتُمْ تُحِبُّونَ ٱللَّهَ فَٱتَّبِعُونِى يُحْبِبْكُمُ ٱللَّهُ وَيَغْفِرْ لَكُمْ ذُنُوبَكُمْ ۗ وَٱللَّهُ غَفُورٌۭ رَّحِيمٌۭ
Argument 2: “Het verspreidt vreugde over zijn geboorte”
Weerlegging: de beste mensen die ooit leefden, de metgezellen, kenden zijn geboorte beter dan wij en waren het gelukkigst met zijn komst. Toch vierden zij het niet, en de Profeet ﷺ beval het niet. De religie was compleet (Koran 5:3) en de Profeet ﷺ waarschuwde: “Vermijd de nieuwigheden, want elke nieuwigheid is een innovatie en elke innovatie is een dwaling.” (Abu Dawoed 4607)
Argument 3: “De maand Rabi‘ al-Awwal is zo bijzonder”
Weerlegging: als die maand zo bijzonder was dat wij er een feest voor moesten instellen, dan had Allah en Zijn Boodschapper ons dat duidelijk geleerd, net zoals bij andere maanden en dagen. De ramadan heeft duidelijke hadieth over vasten (Boekhaarie 1901). De tien dagen van Dhul-Hidjdjah hebben duidelijke hadieth. ‘Aashoeraa’ heeft een duidelijke hadieth (vasten). Maar over Rabi‘ al-Awwal is niets overgeleverd, geen gebed, geen vasten, geen specifieke aanbidding voor die maand. Als er iets was, hadden de metgezellen het doorgegeven.
Argument 4: “De Profeet ﷺ moet wel gewild hebben dat wij zijn geboorte gedenken”
Weerlegging: hij heeft ons zelflaten zien hoe wij zijn geboorte gedenken: door te vasten op maandag. Hij zei: “Dat is de dag waarop ik geboren ben en waarop de openbaring werd neergezonden.” (Moeslim 1162b) Hij gaf ons de soennah, maar veel mensen die de mawlid vieren, vasten niet eens op maandag. Zij laten de door de Profeet ﷺ ingestelde daad (vasten) achterwege en doen in plaats daarvan een nieuwigheid die hij niet heeft ingesteld. Dat is precies wat hij waarschuwde: de religie naar eigen zin veranderen.
Argument 5: “De christenen vieren ook de geboorte van Jezus”
Weerlegging: dit is precies wat de Profeet ﷺ heeft verboden. Hij zei: “Overdrijf niet in mijn lof zoals de christenen overdreven in de lof van de zoon van Maryam (Jezus). Voorwaar, ik ben slechts een dienaar (van Allah), zegt dus: de dienaar van Allah en Zijn Boodschapper.” (Boekhaarie 3445, sahieh)
Het instellen van een geboortefeest zoals de christenen dat voor Jezus doen, is een vorm van nabootsing (tashabbuh) die de Profeet ﷺ uitdrukkelijk heeft afgewezen. Hij waarschuwde dat sommigen hem zouden behandelen zoals de christenen Jezus behandelden, door overdrijving en het maken van een feestdag van zijn geboorte.
De oorsprong: wanneer is de mawlid-viering begonnen?
De eerste mawlid-viering vond plaats in de 6e eeuw na de Hijra (12e eeuw CE), honderden jaren na de Profeet ﷺ, de metgezellen en de tabi‘ien. De eerste bekende viering werd georganiseerd door de heerser al-Moezaffar Aboe Sa‘ied in Irbil (Irak) in 604 H (1207 CE). Daarvoor had niemand in de eerste drie beste generaties dit ooit gedaan.
Ibn Kathier beschrijft in al-Bidaayah wa an-Nihaayah dat deze heerser de mawlid organiseerde, en hij noemt de kritiek die de geleerden daarop hadden. Ibn al-Haadj (overleden in 1336) wijdde een heel hoofdstuk aan de afkeuring van de mawlid-viering in zijn werk al-Madkhal.
Conclusie: de mawlid is een latere toevoeging. De eerste drie generaties, die de Profeet ﷺ het beste kenden en het meest van hem hielden, kenden het niet. Iets dat pas zes eeuwen na de Profeet ﷺ ontstond, kan geen deel zijn van de Islaam die hij heeft gebracht.
De Profeet ﷺ waarschuwde zelf tegen zijn behandeling zoals Jezus
لَا تُطْرُونِي كَمَا أَطْرَتِ النَّصَارَى ابْنَ مَرْيَمَ، فَإِنَّمَا أَنَا عَبْدُهُ، فَقُولُوا عَبْدُ اللَّهِ وَرَسُولُهُ
“Overdrijf niet in mijn lof zoals de christenen overdreven in de lof van de zoon van Maryam. Voorwaar, ik ben slechts een dienaar. Zegt dus: de dienaar van Allah en Zijn Boodschapper.”
Boekhaarie 3445, sahieh
Deze hadieth is de kern van de hele mawlid-discussie. De Profeet ﷺ wist dat sommigen hem zouden behandelen zoals de christenen Jezus behandelden, met overdrijving, verering en feesten rond zijn geboorte. Hij verbood dit al bij voorbaat. Wie de mawlid viert als een religieus feest, doet iets waarvoor de Profeet ﷺ uitdrukkelijk heeft gewaarschuwd.
٧Wat moet je dan wél doen?
De Profeet ﷺ liet ons zelf zien hoe wij zijn geboorte gedenken:
- Vasten op maandag: omdat hij op maandag is geboren en de openbaring op maandag is neergezonden (Moeslim 1162b).
- Zijn soennah volgen: de liefde voor de Profeet ﷺ is het volgen van zijn voorbeeld. Allah zegt: “Zeg: als jullie van Allah houden, volgt mij, dan zal Allah van jullie houden.” (Koran 3:31)
قُلْ إِن كُنتُمْ تُحِبُّونَ ٱللَّهَ فَٱتَّبِعُونِى يُحْبِبْكُمُ ٱللَّهُ وَيَغْفِرْ لَكُمْ ذُنُوبَكُمْ ۗ وَٱللَّهُ غَفُورٌۭ رَّحِيمٌۭ
- Duroed (salawaat) sturen: Allah beveelt: “O jullie die geloven, stuurt salawaat over hem en groet hem met de vredesgroet.” (Koran 33:56) Dit kan op elke dag, niet alleen op zijn geboortedag.
إِنَّ ٱللَّهَ وَمَلَٰٓئِكَتَهُۥ يُصَلُّونَ عَلَى ٱلنَّبِىِّ ۚ يَٰٓأَيُّهَا ٱلَّذِينَ ءَامَنُوا۟ صَلُّوا۟ عَلَيْهِ وَسَلِّمُوا۟ تَسْلِيمًا
Samengevat: de Profeet ﷺ heeft zijn geboorte herdacht met vasten op maandag en met het volgen van zijn soennah, niet met een feestviering die hij niet heeft ingesteld. De salaf zijn hierover eens: de mawlid-viering zoals die later ontstond, is een nieuwigheid (bid‘ah) in de religie.
Bronnen: Sahieh Moeslim 1162b, 1718, 2533; Sahieh al-Boekhaarie 3651; Abu Dawoed 4607 (sahieh); Koran 3:31, 5:3, 33:56; imam Maalik via ash-Shaatibie, al-I‘tisaam; Ibn Taymiyyah, Iqtidaa’ as-Siraat al-Mustaqiem; Ibn Rajab, Lataa’if al-Ma‘aarif; Ibn Kathier, al-Bidaayah wa an-Nihaayah (oorsprong mawlid, 604 H); Ibn al-Haadj, al-Madkhal; Boekhaarie 3445.